Beste bouwkunde,

Het was een dinsdagmorgen en ik zat in een mooie vergaderzaal van Fakton, op de hoek van de 21e verdieping van het Rotterdamse WTC met uitzicht op Delft. Het overleg ging over de mogelijke samenwerking met een ander bedrijf om een rekenmodel gekoppeld aan het tekenprogramma GIS op de markt te brengen. Tekenen en Rekenen samenbrengen in één model. Het is vaak geprobeerd en nooit echt gelukt. Toch hebben we er goede hoop op dat de technieken die onze beoogde partner in huis heeft in combinatie met onze kennis en ervaring nu wel tot een succes leiden.

Tijdens het bespreken van de technische details van het rekenprogramma en de overdracht van het ene naar het andere pakket droom ik wat weg. De combinatie van Tekenen & Rekenen is iets heel moois; hoe kun je de wensen van al die verschillende partijen bij elkaar brengen? Je hebt een stedenbouwer met zijn ideeën, een verkeerskundige, een volkshuisvester en nog zo veel andere partijen met wensen. En dan moet het ook nog betaald kunnen worden… Door de studie in Delft en de ervaring daarna in de praktijk, leer je de taal spreken van die verschillende partijen. En daardoor kun je al die totaal verschillende belangen op waarde schatten en tegen elkaar afwegen. Is die zichtlijn echt belangrijk of gaat het de stedenbouwkundige om iets anders? Waarom wil de architect per se een gladde gevel en de ontwikkelaar niet? Is 100% gebouwd parkeren echt wat men wil? Valt er te schaven of moet het hele concept gewoon anders? Doordat je in Delft zelf moet creëren en ongezouten hoort wat er allemaal aan schort, krijg je gevoel voor de essentie van je ontwerp.

Velen, waaronder ik, concluderen tijdens de studie dat ze niet geschikt zijn voor het vak van architect of stedenbouwkundige. Maar het ervaren dat je plotseling ’s nachts of in opeens in de trein een concept bedenkt, dit concept dagen (en nachten) lang uitwerkt op papier, knutselt in de maquettehal en vervolgens positieve of negatieve reacties krijgt op je creatie, is van onmisbaar belang om in de wereld van de gebouwde omgeving een rol te spelen aan de onderhandelingstafel. Tekenen en Rekenen in de computer mag daar een hulpmiddel bij zijn, maar het maken van keuzes blijft mensenwerk.

Opeens schrik ik op uit mijn mijmering. Vanuit mijn weidse uitzicht over Rotterdam zie ik tal van schoorstenen roken. Maar deze schoorsteen is nieuw en staat wel op een erg vreemde plek. Pernis ligt in het westen, maar recht voor me, boven Delft, zie ik een enorme donkere rookwolk. We onderbreken de vergadering en kijken door de klassieke telescoop die de vergaderzaal siert richting de rookwol. We zien duidelijk vlammen en herkennen het gebouw van Bouwkunde. Internet bevestigt dat Bouwkunde in brand staat…

Een computerprogramma voor Tekenen & Rekenen is niets zonder het gevoel en interpretatievermogen van de gebruikers. Het oude gebouw Bouwkunde faciliteerde die broodnodige ervaring van de studenten. Net als bij een pelgrimstocht gaat het hierbij niet om het doel, maar om de weg er naar toe. Ik hoop dat er snel een nieuw Bouwkunde komt waar ruimte is voor al die benodigde uren tekenen, knutselen, creëren. En waarschijnlijk leidt dat er voor velen niet toe dat ze ontwerper worden, maar het afleggen van die weg is ook voor hen nodig om hun rol in de toekomst van de gebouwde omgeving te kunnen spelen!

#003
Naam: Barend Jan Schrieken
Band met Bouwkunde: Alumnus
Periode: 1993 - 2000
Huidig werk: Integrex Gebiedseconomie & Vastgoedeconomie