Beste bouwkunde,
In juni 1968 had ik als 23-jarige mijn HTS-bouwkunde diploma op zak. Voor mij de keuze om architectuur te studeren via het HBO (AvB) of de TH Delft. Ik heb de keuze toen gemaakt voor de TH. Ik woonde in Rijswijk, thuis, en ging dus met het Puchje heen en weer naar Delft. De behoefte om in Delft te gaan wonen was er niet; die kleine studentenkamertjes konden niet in de schaduw staan van mijn zolderverdieping thuis bij mijn ouders.
De eerste 2 jaar waren de ateliers 1-ste en 2-de jaar aan de Nieuwe Laan en veel technische vakken in de Julianalaan of op het Oude Delft. Het gebouw van Bouwkunde was nog in aanbouw en werd in 1970 betrokken. Op de Nieuwe Laan heb ik weinig gemerkt van de geest van mei 1968; dat kwam pas in volle hevigheid op de Mekelweg. Volslagen chaos in een zo prachtig en helder gebouw. In 1970 had ik bijna op 2 vakken na mijn K-2 op zak, zonder enige vrijstelling vanwege mijn HTS-opleiding. Die werden pas medio 1970 verleend aan HTS-ers. Voor mij een teleurstelling omdat toen bleek dat studenten met die start de studie in zo’n 3,5 jaar volbrachten. De chaotische jaren tot 1973, waarin het moeilijk bleek om enig tempo te ontwikkelen deden mij besluiten de studie in 1971 op te schorten.
Ook al omdat ik geen beurs of studietoelage had en voor het grootste deel de studie moest bekostigen door te werken. Met een studievriend heb ik toen een bureautje opgericht. Toen ik in 1976 de studie weer oppakte kwam ik weer terecht in een gestuctureerde sfeer die bij een mooie studie hoort in een prachtig gebouw met duidelijke structuur.
Wel was het onderwijs enigszins gewijzigd; i.p.v. jaarhoogleraren en lectoren met hun staf waren er vakgroepen met een paar hoogleraren, wetenschappelijke medewerkers en een voorzitter.
Ook de inhoud van de examens was anders geworden: gevolg dat ik toch een aantal vakken voor het K-2 erbij moest doen. Afijn het K-3 kwam een jaar later en het afstuderen weer een klein jaar later. Alles naast werken in de praktijk. Dat betekent dat mijn binding met het gebouw niet zo zeer een binding was door dagelijks aanwezig zijn, maar aanwezig zijn op afspraak.
Toch koester ik heel veel positieve gevoelens voor het gebouw. Een zeer helder, bruikbaar gebouw, een goede menging van werkplaatsen, verkeers– en ontmoetingruimten (met soms wachten bij de liften), ateliers, werkkamers en collegezalen. Bij harde winden een noordelijke ingang die niet bruikbaar was. Maar een gebouw ontworpen in de jaren ‘60 dat tot op heden nog steeds ín mijn ogen goed voldeed. Met een primair materiaal– en kleurgebruik dat toeliet dat iedere gebruiker er zijn reukspoor voor langere of kortere tijd op achter kon laten. Een mooi en tijdloos gebouw, ruimtelijk en flexibel in alle opzichten.
Een prachtig voorbeeld van Nieuwe Zakelijkheid, van de 60-ger jaren, van de tijdgeest. Ik begrijp dan ook die waarderingen niet zo over het gebouw: van ‘wat lelijk’ en ‘niet mooi’ en ‘bouwkundekolos’. Maar wat wil je met zoveel studenten op zo’n kleine situatie? Natuurlijk, het voldeed kennelijk qua uiterlijk niet aan de ‘smaak’ van heden; het is geen ‘blob’ en de hemel beware ons dat een nieuw gebouw die richting op gaat.
Natuurlijk voldeed het gebouw wel aan tegenwoordige brand-eisen. 30 minuten, 60 minuten, 120 minuten? Waar het dan om gaat is dat de gebruikers op tijd weg kunnen komen, want ieder gebouw brandt en kan daardoor instorten. Voldeed de brandweer wel aan de eisen die je mag stellen om dergelijke gebouwen aan te kunnen?
En in welk onderwijs-gebouw uit die tijd kan je in de kelders een feest bouwen dat bijna een festival is? Ja, dat was het gebouw: een festival!
Met dank aan de professoren Van den Broek en Bakema.
Naam: Bert Pauw
Band met Bouwkunde: Alumnus (architectuur)
Periode: 1968-71 - 1976-79
Huidig werk: Zelfstandig architect

Integrex is een onafhankelijk advies– en managementbureau op het gebied van vastgoedeconomie en gebiedseconomie. Wij leveren financieel-economisch advies en management bij ruimtelijke ontwikkelingen.