Beste bouwkunde,
De zeven stormvlagen van Bouwkunde
De Grote Brand van Bouwkunde op 13 mei 2008 heeft voor velen van ons een onverwacht en dramatisch verlies betekend, een afscheid van een lang studerend en werkend leven van soms wel 38 jaar. Die emotionele shock en het abrupte gat in ons geheugen zullen nog lang blijven bestaan. Wellicht zal die weemoedige herinnering pas op het moment dat over enkele jaren de nieuwbouw betrokken gaat worden, langzaam verdwijnen. Velen treuren ook om verlies van persoonlijk vergaarde gegevens, van boeken, werkstukken en dia’s.
De slagkracht die het bestuur heeft getoond door onmiddellijk na de brand tenten, lap top computers en mobiele telefoons, bewijst dat er veel aan gedaan wordt om de gang van zaken te continueren. De tenten zijn tijdelijk, warm en lawaaiig, maar als teken van doorzettingsvermogen zijn ze prima. Het nadeel van het verlies van zoveel kennis en documentatie is enigszins gepareerd door de uitgifte van laptops, hoewel dat middelen zijn en geen inhoud. Wellicht helpt de mobiliteit en de informatica docenten en studenten ineens vooruit in het digitale tijdperk. Vanuit plotselinge armoede naar een nieuwe digitaal elan? Het is goed mogelijk. Maar schetsen en modellen blijven toch het hart van de ontwerper.
De extern gerichte symposia en congressen gaan gewoon door. Deze extern gerichte gelegenheden moeten nog frequenter dan ooit tevoren georganiseerd worden. Onlangs in één week drie congressen, de week daarop ook weer drie. ‘The show must go on’. We hebben ons materiële gezicht van het faculteitsgebouw verloren. We hebben weliswaar tijdelijk onderdak bij onze vrienden gevonden op de andere faculteiten van de TU Delft, maar dat brengt het gezicht van bouwkunde nog niet terug. Daarom moeten de externe manifestaties explosies zijn van interne kracht en energie, van onze gelijkblijvende kennis, kunde en inzicht.
Tussenbalans
Het is goed na enkele weken de balans op te maken en te zien door welke stormen de decaan de faculteit wilde leiden en wat ons te wachten staat. Want ook de toekomst van Bouwkunde gaat door! Dit zijn zeven van de opvallende stormvlagen waar we ons doorheen moeten werken.
Stormvlaag 1 en 2: Bachelor en Master Onderwijs
Ondanks de brand blijven de plannen voor het onderwijs ongewijzigd. Er is een nieuwe golf van bachelor onderwijs in uitvoering. Een nieuw masteronderwijs is in de maak. De introductie van dat nieuwe masteronderwijs gaat gewoon door. De gemiddelde duur van een onderwijssysteem op Bouwkunde is wel kort: 4 tot 5 jaar. We blijken tenslotte ontwerpers en hebben weinig geduld voor uitvoering en perfectie in de doorgroei. Eerder productinnovatie dan productverbetering.
Het nieuwe onderwijs zal ongetwijfeld enigszins aangepast gaan worden aan de mogelijkheden van het gebouw aan de Julianalaan. Er zullen waarschijnlijk colleges en activiteiten elders ondergebracht blijven. Dat is inspirerend voor onze bouwkundestaf en studenten. Hopelijk komen we er nu achter dat er ook andere werelden zijn dan onze faculteit Bouwkunde, met andere gewoonten. Er komen zo door de migraties op de campus van de TU Delft combinaties en integraties tussen staf en studenten van andere TUD faculteiten tot stand. Te continueren als minors (reguliere 5e semester) die elders kunnen worden gelopen. We zouden uithuizige minors sterk kunnen aanbevelen.
Stormvlaag 3:
Onderzoek Voor het onderzoek is de brand niets minder dan een ramp. De onderzoekers zijn verspreid over de TU en velen zijn thuis gaan werken. De dialoog tussen de promovendi stokt enigszins. De communicatie wordt gebrekkiger. De leiding is onzichtbaar. Veel promovendi zijn kostbare gegevens kwijt en moeten soms hun onderzoek overdoen. Geen wonder dat ze soms de spirit even kwijt zijn. Gelukkig is veel research desk research en nauwelijks laboratorium research: dan was het probleem nog groter geweest. Voor veel studenten was de eigen ruimte op de server te klein, zij kochten een harde schijf die ze vervolgens kopieerden. De back ups bewaarden ze trouw… in de kast naast hun bureau. Die gegevens zijn ze kwijt.
De te verwachten, aanzienlijke terugval in onderzoek is dubbel wrang omdat het onderzoek aan de faculteit Bouwkunde juist aan een gestage opmars in kwaliteit bezig was: het paste eindelijk in het academisch klimaat van de TU Delft. De ambitie om de hoogste scores van “4tjes en 5jes” te behalen in de officiële visitaties blijft. Maar we zijn zeker nog een half jaar bezig voordat iedereen een goede en adequate plek heeft en de draad weer heeft opgepakt.
Stormvlaag 4: Financiering
De toekomstige financiële problemen van de TU Delft met krimpende wetenschappelijke budgetten, het verschuiven door Plasterk van 100 mio naar de fundamentele Nederlandse wetenschappers, en het korten van de begroting voor 2009 met weer 4 miljoen Euro door het CvB TU Delft leveren voor Bouwkunde een somber toekomstbeeld op. Wij zullen in de toekomst ons voortbestaan zeker moeten gaan stellen op basis van externe financiering. Daarvoor moet een cultuurverandering plaats vinden: de bouw moet dan “waar voor zijn geld” krijgen. We moeten ons dus gaan bedenken waar we de bouw [= opdrachtgevers, ontwerpers, uitvoerders en overheden] op het gebied van wetenschappelijk en universitair onderzoek mee van dienst kunnen zijn. Want als we geen kwaliteit bieden, komt er geen geld.
We zijn bezig met een bundeling en een nieuwe programmering; met als voorlopige naam Speerpunt Bouw, en er is een 3TU activiteit: 3TU Speerpunt Bouw. Daarover heb ik in B-nieuws 12 al gerapporteerd. Voor die programmering hebben we een lijst van 18 maatschappelijke problemen opgesteld. Uit die maatschappelijk problemen ontleden we de bouwkundige problemen, vervolgens worden er de 3TU uitdagingen ontleend en daarna de nieuwe onderzoeksprogramma’s en onderzoeksprojecten. Zodoende ontstaat er een nieuwe programmering waar de maatschappij of de bouw veel sterker dan tot nu toe mee gediend kan zijn. Dat maakt de kans op financiële partnerships ook groter. Zo kan het onderzoek na stilstand en achteruitgang weer groeien. Mijn hypothese is dat over 5 jaar alle promovendi betaald zullen gaan worden uit externe middelen. Daartoe zullen we een nieuw tussenregime moeten inrichten waarbij de regel zal zijn dat nieuw of vervolgonderzoek voor 50% extern gefinancierd moet worden. Over 10 jaar moeten we ons richten op een volledige externe financiering. De inhoud van ons onderzoek zal dan maatschappelijk verantwoord moeten zijn. De toegepaste onderzoeken zullen de fundamentele onderzoeken moeten financieren, naast de 2e geldstroom mogelijkheden voor fundamenteel. De middelen beginnen nu al aanzienlijk te krimpen. De decaan wil het eerst bezuinigen op onderzoek. Interne financiering wordt welhaast even risicovol als externe financiering. Dus er moet (iets eerder in de zin geplaatst: ) door alle onderzoeksleiders en hoogleraren een duidelijke externe slag om financiering door sponsoring en partnerships gemaakt worden.
Stormvlaag 5: Juliana
Juliana zal de komende 5 jaar het gezicht van Bouwkunde vormen. Het voormalige hoofdgebouw aan de Julianalaan wordt ingericht voor onderwijs en onderzoek in één enkel gebouw. De faculteit studeert nu op een optimale herindeling. Het zal waarschijnlijk tijdelijk (met de maximale tijdelijke bouwvergunning van 5 jaar) moeten worden uitgebreid met glazen serres om het benodigde vloeroppervlak te halen. We missen de hal van Bouwkunde; zo’n openbare straat moeten we weer creëren. Juliana is een somber gebouw, met helaas lange looplijnen. Maar met goed doordachte ingrepen kunnen we daar een passend tijdelijk tehuis van maken. En met in grote neon letters ‘Bouwkunde’ of ‘Architecture’ op de gevels. Het gebouw zal ons een nieuwe ‘corporate identity’ moeten gaan geven, een beetje MIT-achtig. Juliana is een serieuze tussenfase: het gebouw moet voldoende inspiratie en identiteit gaan uitstralen. En wel met een overgrote bezetting vanaf 1 september 2008.
Stormvlaag 6: Hoogleraren
We hebben ook een belangrijk structureel en organisatorisch probleem: het aantal hoogleraren, met name bij de afdeling Architectuur, is te gering om strategisch elan uit te stralen. Prof.Kees Kaan sprak onlangs over een “minimaal 8,3 fte tekort van hoogleraren bij architectuur”! Daar kan een grote achterstand uit ontstaan. We moeten werken aan een heftig debatterende faculteit in een tijdelijk gebouw en we hebben inspirerende hoogleraren nodig om ons daarin te leiden. Er is een gebrek aan smaak– en spraakmakende architecten die de faculteit elan moeten geven, zeker in een moeilijke periode als deze. Ook over de Wederopbouw of Nieuwbouw moet worden gedebatteerd. Wellicht moeten we ook een poule van gasthoogleraren instellen die elke vrijdag strijk en zet voor een volle zaal volledig in debat gaan over alles wat er zoals in de architectuur te bedenken is en de belangrijke problemen die de faculteit raken. Een oproep aan architecten in het land om Bouwkunde met minimaal een dag in de maand te komen stimuleren lijkt een goed idee.
Stormvlaag 7: Nieuwbouw
En dan de nieuwbouw. Goed kijken naar de meest passende situatie. Neem de beslissing daarvoor niet te vroeg. En in alle openheid een goed programma daarvoor maken dat niet alleen de huidige toestand bevestigt. Elke 5 jaar een nieuwe onderwijssysteem: hoe moet je dan een gebouw ontwerpen dat 50 jaar met 10 wisselingen van onderwijs mee kan gaan? Bouwkunde staat nu in het midden van de belangstelling van de architectonische wereld. Dan moeten we vasthouden. Met die aandacht op ons gericht zal er een grote internationale prijsvraag gehouden moeten gaan worden, met publieke discussies, zoals in 1969, veel hectiek, internationale coryfeeën die hun ontwerp hier komen uitleggen en verdedigen met “bloed aan de muur” zoals Michiel Riedijk dat zo treffend zei. En dan het feest van het bouwen en onze toekomst in Nieuw Bouwkunde.
Tot slot
In een faculteit Bouwkunde waar al zoveel veranderingsballen tegelijkertijd in de lucht gehouden werden door de decaan, kwam de brand hoogst ongelegen. We zullen gezamenlijk aan alle zelf veroorzaakte en andere problemen moeten werken. En liever geen nieuwe problemen creëren om ze vervolgens weer met alle tijdverlies van dien weer op te lossen, zoals we gewend zijn te doen.
Het beeld van Prometheus dat vroeger voor het Hoofdgebouw op een sokkel stond, kan misschien beter niet meer terugkomen, want Prometheus stal het vuur van de Goden, die hem daarvoor gruwelijk straften, maar de Grote Brand van Bouwkunde werd toch echt veroorzaakt door een stom ongelukje.
Mensen passeren, gebouwen vergaan, maar Bouwkunde Delft blijft een internationaal begrip!
Naam: Mick Eekhout
Band met Bouwkunde: Alumnus, hoogleraar
Periode: 1968 - 1973
Huidig werk: Directeur Octatube International bv Delft

Integrex is een onafhankelijk advies– en managementbureau op het gebied van vastgoedeconomie en gebiedseconomie. Wij leveren financieel-economisch advies en management bij ruimtelijke ontwikkelingen.